Voor een lijfrentepolis geldt een aantrekkelijke fiscale regeling. Dit om te stimuleren, dat mensen sparen voor voldoende inkomen op hun oude dag.
Om te beginnen kan de premie voor een lijfrentepolis onder voorwaarden van de belasting afgetrokken worden. En verder wordt er met die fiscaal aftrekbare premies kapitaal opgebouwd in box 1. Het kapitaal is dus vrij van vermogensrendementheffing.
Er gelden wel voorwaarden om de premie van de belasting af te kunnen trekken. Meestal zult u daarvoor gebruik maken van de zogenaamde jaarruimte. U kunt deze hier op onze site berekenen. Indien u de afgelopen 7 jaar geen (volledig) gebruik heeft gemaakt van de jaarruimte, dan kunt u gebruik maken van de inhaalruimte. Verder gelden er nog speciale regelingen voor ondernemers, die hun bedrijf beëindigen, of hun Fiscale Oudedagsreserve (FOR) in een lijfrentepolis willen onderbrengen, en voor werknemers, die een ontslagvergoeding (Gouden Handdruk) ontvangen.
Keerzijde van de aftrekbaarheid van de premies is, dat de lijfrenteuitkeringen te zijner tijd belast zijn. Indien u te zijner tijd minder inkomen heeft dan nu, dan is het echter goed mogelijk, dat het te hanteren belastingpercentage dan lager is dan, waartegen u nu aftrekt. Dit geldt met name na uw 65e. Als de top van uw inkomen (na eventuele andere aftrekposten) dan binnen de eerste twee belastingschijven valt, dan geldt een belastingtarief van slechts 15 respectievelijk 20,5 %.
Indien de premie fiscaal aftrekbaar is, dan valt de lijfrentepolis en het daarin opgebouwde kapitaal in box 1 en is dus vrij van vermogensrendementheffing. (Vermogensrendementheffing is belasting, die je betaalt over je vermogen in box 3, bijvoorbeeld spaargeld en effecten.) Dit levert een aanzienlijke besparing op. In een lijfrentepolis worden in de regel aanzienlijke kapitalen opgebouwd. De vrijstelling in box 3 zou daarvoor weinig soelaas bieden, vooral ook, omdat die vaak al door andere vermogensbestanddelen opgesoupeerd wordt. Stel we gaan uit van iemand van 35, die een lijfrentepolis afsluit, die op zijn 65e uitkeert, en stel, dat hij binnen de polis 8 % rendement ontvangt. De totale besparing aan vermogensrendementheffing bedraagt dan 50 % van de betaalde premie. Zou hij in de polis 10 % aan rendement ontvangen hebben, dan bedragt de besparing zelfs 66 % van de betaalde premie. Zou hij hetzelfde kapitaal dus in box 3 bij elkaar sparen, dan zou hij bij de genoemde rendementen 50 respectievelijk 66 % extra kosten krijgen door de te betalen vermogensrendementheffing. Indien deze zelfde man een koopsom zou afsluiten. Dat wil zeggen een lijfrente, waarvoor hij slechts één keer, bij het begin premie betaalt. Dan zou de besparing op de vermogensrendementheffing bij 8 en 10 % rendement respectievelijk zelfs meer dan 100 en meer dan 200 % bedragen. Voor alle duidelijkheid, de voordelen van de fiscale aftrekbaarheid van de premie zijn hierbij nog volledig buiten beschouwing gelaten.